huizenhorror (16): ‘Jij hebt een probleem,’ zegt Ulrike
‘En De Vinex dan?’ vraagt mevrouw X. We willen gaan samenwonen (onze huizen staan nu zo’n 175 kilometer uit elkaar), maar komen er niet echt uit waar. Zij vindt mijn stad te druk, ik de hare te klein en te ver weg van alles. En nu stelt ze ineens een nieuwbouwwijk voor – in mijn eigen stad!
‘Daar wil je nog niet dood gevonden worden,’ zeg ik. Tegelijk denk ik: als het voor haar De Vinex moet worden, dan wordt het maar De Vinex. Dan zijn we er gewoon eindelijk uit.
We gaan op een regenachtige januarizondag (ja, het is inmiddels 2007) kijken wat voor wijk het is en zijn aangenaam verrast. Vervolgens maken we een afspraak bij een makelaar die zowel koop- als huurhuizen in De Vinex heeft. Zij neemt ons mee naar een huis waar we meteen verliefd op zijn. Maar omdat mevrouw X en ik allebei nogal impulsief zijn en dat soms verkeerd uitpakt, bekijken we de week daarop nog een paar huizen. Geen daarvan kan tippen aan het eerste huis. Als de makelaar ons ook nog onder druk zet (er zijn meerdere belangstellenden), besluiten we dat het dat huis moet worden. We gaan samenwonen!
De planning kan eigenlijk niet beroerder. Hartsvriend H, namelijk, heeft een mooi kantoor gevonden, geschikt voor vier bedrijven, en ik ben een van die bedrijven. Op 1 februari krijgen we de sleutel. De huur van mijn huidige kantoor heb ik opgezegd, maar omdat er een halfjaar opzegtermijn is, moet ik nog tot 1 augustus blijven huren. Tenzij de verhuurder eerder een nieuwe huurder vindt. Gelukkig is de nummer 1 van de wachtlijst zeer gecharmeerd van mijn prachtige kantoor. Per 1 maart willen ze er wel in, zeggen ze. Fijn, dat is dan geregeld.
De dag nadat mevrouw X en ik De Beslissing hebben genomen, gaat de telefoon.
‘Jij hebt een probleem,’ zegt Ulrike.
Als Ulrike zoiets zegt, zal dat ongetwijfeld waar zijn. Dat Ulrike en oma Trees andere woonruimte hebben gevonden is tegelijkertijd de meest opwekkende (dan ben ik van ze af) en de meest angstaanjagende (en het geld dan?) gedachte die door mijn hoofd schiet.
Er blijkt helaas iets anders aan de hand te zijn. Ulrike stond te koken terwijl oma Trees een verdieping hoger aan het douchen was. Plotseling liep het water langs de keukenmuur, en erger nog, langs de stopcontacten op die keukenmuur. Ulrike was zich rot geschrokken.
‘Ik regel dat er iemand komt om dat te verhelpen,’ beloof ik.
Het stelt Ulrike maar matig gerust. En terecht: het is vrijdagmiddag halfvijf. Welke gek gaat er in zijn weekend een lekkage verhelpen?
KlussenKees, die ik natuurlijk als eerste bel, in elk geval niet. En de kleine klusjes (zoals hij de waslijst van Ulrike hardnekkig blijft noemen) gaat hij ook niet uitvoeren. Geen tijd.
Een beetje internetten brengt me bij De Beste Klusjesman, een franchiseonderneming waar allerlei freelancers bij aangesloten zijn. Ik kijk of er eentje in Arnhem zit en vind Remco. Die staat op een dak als ik hem bel. Zaterdagochtend een lekkage verhelpen? Remco doet alsof hij niet anders gewend is. Hij belooft er morgen om negen uur heen te gaan en te bellen als hij klaar is. Opgelucht sms ik Ulrike, die blij terug sms’t.
Zaterdag belt Remco niet. Vergeten, zegt hij, als ik hem tegen enen zelf maar bel. De lekkage is veroorzaakt door vergane kitranden, die weer veroorzaakt zijn door overmatig gebruik van antikalkmiddelen. Hij heeft het probleem verholpen en er zal voorlopig niets meer gebeuren, maar hij adviseert wel om het leidingwerk in de douche grondig te laten nalopen. Dat wil hij wel voor me doen. Ik vraag hem om een offerte. Ook die wil hij wel maken, en hij wil gerust ook de waslijst van Ulrike langslopen. Maar ik moet me wel realiseren dat hij tot mei vol zit. Geeft niks. Ik ben al blij dat ik iemand gevonden heb. We spreken af dat Remco een factuur gaat sturen voor het werk van vandaag en een offerte voor al het overige kluswerk. Er komt schot in de zaak.
